Keratoconus

Het hoornvlies wordt dunner en boller. Daardoor ziet u wazig en vervormd, ook met een bril.

Samengevat

  • Bij keratoconus wordt het hoornvlies, het heldere venster vooraan het oog, dunner en boller.
  • Door die kegelvorm breekt het licht onregelmatig. U ziet wazig, dubbel of met strepen rond lampen.
  • Het begint meestal tussen het 15e en 30e levensjaar en komt daarna vaak vanzelf tot rust.
  • Uw sterkte verandert steeds, vooral de cilinder. Een bril voldoet op den duur niet meer.
  • Hard in de ogen wrijven verergert de aandoening. Niet wrijven is het belangrijkste advies.
  • Crosslinking bij de oogarts stopt verdere verergering, maar verbetert het zicht niet.
  • Plotseling veel slechter zien met pijn en een rood oog vraagt om beoordeling op dezelfde dag.
Hoornvliesscan bij keratoconus: links de kromming, rechts de dikte van het hoornvlies
Hoornvliesscan bij keratoconus: links de kromming, rechts de dikte van het hoornvlies Elise A. Slim et al., CC BY 4.0. Via Wikimedia Commons.

Wat is keratoconus?

  • Het hoornvlies is het heldere venster vooraan het oog. Het buigt het licht en verzorgt het grootste deel van de scherpstelling.
  • Bij keratoconus wordt dat weefsel zwakker en dunner. Door de druk in het oog puilt het langzaam kegelvormig naar voren.
  • Een kegelvormig hoornvlies breekt het licht onregelmatig. Daardoor ziet u wazig en vervormd, ook wanneer uw brilsterkte klopt.
  • De aandoening zit vrijwel altijd in beide ogen, meestal het ene oog duidelijk sterker dan het andere.
  • Keratoconus schrijdt vooral voort tussen het 15e en 30e levensjaar. Na ongeveer het 40e levensjaar komt het meestal tot stilstand.
  • Keratoconus leidt niet tot blindheid. Vrijwel iedereen houdt bruikbaar zicht, al is daar vaak een speciale contactlens voor nodig.

Welke klachten horen erbij?

  • Uw zicht wordt wazig en vervormd; rechte lijnen lijken krom.
  • U ziet met een oog meerdere beelden over elkaar, ook wanneer u het andere oog sluit.
  • Strepen, kringen of uitwaaierende stralen rond lampen en koplampen, vooral in het donker.
  • Uw bril- of lenssterkte verandert vaak, met een toenemende cilinder.
  • Een nieuwe bril geeft minder verbetering dan u verwacht.
  • Gevoeligheid voor fel licht en vaak jeukende of geïrriteerde ogen.

Hoe ontstaat het?

  • De precieze oorzaak is onbekend. Het bindweefsel in het hoornvlies is zwakker dan normaal, waardoor het zijn vorm minder goed vasthoudt.
  • Veel en hard in de ogen wrijven is de belangrijkste factor die de aandoening verergert.
  • Keratoconus komt vaker voor binnen families; ongeveer een op de tien patiënten heeft een familielid met dezelfde aandoening.
  • Allergie, hooikoorts en eczeem vergroten het risico, vooral omdat daarbij veel in de ogen wordt gewreven.
  • Ook bij het syndroom van Down en bij enkele bindweefselaandoeningen komt keratoconus vaker voor.
  • Lezen, beeldschermwerk of een verkeerde bril veroorzaken geen keratoconus.

Welke vormen en stadia zijn er?

  • De ernst wordt bepaald met een hoornvliesscan, waarop de kromming en de dikte van het hoornvlies zichtbaar zijn.
  • Beginnend: het hoornvlies is licht vervormd. Een bril of een gewone contactlens geeft meestal nog scherp zicht.
  • Matig: het hoornvlies is duidelijk boller en dunner. Een bril voldoet niet meer en er zijn vormstabiele of sclerale lenzen nodig.
  • Gevorderd: een uitgesproken kegelvorm, vaak met littekens. Het zicht blijft dan ook met lenzen beperkt.
  • Zeer milde vorm: alleen zichtbaar op de hoornvliesscan, zonder klachten. Dit is vooral van belang wanneer u een ooglaserbehandeling overweegt.
  • Waterinslag (hydrops): bij een gevorderde keratoconus kan het hoornvlies scheuren en vocht opnemen. Het oog wordt pijnlijk en rood en het zicht valt snel terug.

Hoe wordt het vastgesteld?

  • De gezichtsscherpte en de sterkte worden gemeten. Een sterke of snel veranderende cilinder is vaak de eerste aanwijzing.
  • Met de spleetlamp wordt het hoornvlies beoordeeld op de kenmerken die bij keratoconus horen.
  • Er wordt ook gekeken naar tekenen van allergie en wrijven, omdat die de aandoening verergeren.
  • Voor de diagnose is een hoornvliesscan (topografie) nodig. Die wordt bij de oogarts gemaakt; de verwijzing loopt via de huisarts of de optometrist.
  • Bij een vooronderzoek voor ooglaseren of een lensvervanging hoort een beoordeling van het hoornvlies standaard bij het onderzoek.

Hoe wordt het behandeld?

  • Bij een beginnende keratoconus geeft een bril of een gewone contactlens vaak nog voldoende scherp zicht.
  • Wordt het hoornvlies onregelmatiger, dan zijn vormstabiele of sclerale lenzen nodig. Die overbruggen de onregelmatige vorm en herstellen het zicht.
  • Om verdere verergering te stoppen voert de oogarts crosslinking uit: met vitamine B2 en ultraviolet licht wordt het hoornvlies steviger gemaakt. Dit remt de aandoening, maar verbetert het zicht niet.
  • Bij een gevorderde keratoconus met littekens kan een hoornvliestransplantatie nodig zijn. Dat geldt voor een klein deel van de patiënten.
  • Een ooglaserbehandeling is bij keratoconus niet mogelijk; die maakt het hoornvlies juist dunner.

Wat kunt u zelf doen?

  • Wrijf niet in uw ogen. Dat is het belangrijkste wat u zelf kunt doen.
  • Jeuken uw ogen, laat dan de oorzaak behandelen, bijvoorbeeld hooikoorts of eczeem. Koelen met een schoon, koud kompres werkt beter dan wrijven.
  • Verandert uw sterkte steeds opnieuw, laat dat dan onderzoeken in plaats van alleen een nieuwe bril te laten maken.
  • Draag uw contactlenzen volgens afspraak en houd ze goed schoon. Doe ze uit bij pijn of een rood oog.
  • Overweegt u ooglaseren, laat dan altijd eerst uw hoornvlies beoordelen, ook zonder klachten.
  • Heeft u keratoconus, adviseer uw broers, zussen en kinderen hun ogen te laten controleren.

Wanneer neemt u contact op?

  • Uw zicht valt in korte tijd sterk terug, met pijn, een rood oog en een wittige plek in het hoornvlies: neem dezelfde dag contact op met uw huisarts of de huisartsenpost.
  • U draagt contactlenzen en uw oog wordt pijnlijk, rood of lichtschuw: doe de lens uit en neem dezelfde dag contact op.
  • Uw zicht gaat binnen enkele weken duidelijk achteruit, of rechte lijnen worden krommer.
  • Uw sterkte verandert steeds opnieuw, vooral de cilinder: bespreek met uw huisarts een verwijzing voor onderzoek.
  • U bent jonger dan 30 jaar en er is keratoconus in uw familie: laat uw ogen controleren, ook zonder klachten.
  • U heeft crosslinking ondergaan en het oog wordt pijnlijker of roder in plaats van rustiger: neem contact op met uw oogarts.

Deze informatie is algemeen en vervangt geen onderzoek. Twijfelt u, of veranderen uw klachten? Neem dan contact op met uw eigen huisarts.