Droge ogen

Te weinig traanvocht, of traanvocht dat te snel verdampt. Opvallend vaak juist met tranende ogen.

Samengevat

  • Droge ogen komen zeer vaak voor. In de meeste gevallen zijn de klachten goed onder controle te brengen.
  • U merkt het aan branderige, zanderige of vermoeide ogen, of aan zicht dat wisselend wazig is. Vaak tranen de ogen juist.
  • Bij de meeste mensen verdampt het traanvocht te snel, omdat de olieklierjes in de ooglidrand niet goed functioneren.
  • Tijdens het onderzoek bekijken wij uw traanfilm, het oogoppervlak en de ooglidranden. Zo bepalen wij welke aanpak bij u past.
  • De behandeling bestaat meestal uit kunsttranen, dagelijkse warmte en verzorging van de ooglidranden. Na enkele weken merkt u het verschil.
  • Krijgt u echte pijn, gaat u slechter zien of doet licht pijn? Neem dan dezelfde dag contact op met uw huisarts.
Droge ogen, zichtbaar gemaakt met een gele kleurstof
Droge plekjes op het oog, zichtbaar gemaakt met een gele kleurstof Jonathan Trobe, University of Michigan Kellogg Eye Center, CC BY 3.0. Via Wikimedia Commons.

Wat zijn droge ogen?

  • Over uw oog ligt een zeer dun laagje traanvocht: de traanfilm. Met elke knipper verspreidt het ooglid dit laagje opnieuw over het oog.
  • De traanfilm houdt het oogoppervlak glad en vochtig, zodat u scherp ziet. Daarnaast spoelt hij stof en vuil weg en helpt hij ontstekingen te voorkomen.
  • De traanfilm bestaat uit drie lagen. Onderop ligt een slijmlaagje dat het vocht aan het oog laat hechten, daarboven een waterige laag en bovenop een zeer dun olielaagje uit de ooglidrand dat verdamping tegengaat.
  • Bij droge ogen is die traanfilm uit balans: er is te weinig traanvocht, of het verdampt te snel. Het oogoppervlak raakt dan geïrriteerd en kan kleine beschadigingen oplopen.
  • Droge ogen komen vooral voor bij mensen boven de 50 en bij vrouwen. De klachten verdwijnen meestal niet vanzelf en keren vaak terug, maar met de juiste aanpak zijn ze goed onder controle te houden.
  • Verwarrend genoeg hebben veel mensen met droge ogen juist tranende ogen. Het geprikkelde oog maakt dan in één keer veel dun traanvocht aan, maar dat lost het probleem niet op.
Schema van de traanfilm in lagen
De traanfilm: 1 olielaagje, 2 waterige laag, 3 slijmlaagje, 4 oppervlak van het hoornvlies Vinne2, CC BY-SA 4.0. Via Wikimedia Commons.

Welke klachten horen erbij?

  • Een branderig, schurend of zanderig gevoel.
  • Het gevoel dat er iets in uw oog zit, terwijl dat niet zo is.
  • Rode, vermoeide of zware ogen, vooral aan het einde van de dag.
  • Wisselend wazig zien, dat even verbetert als u een paar keer knippert.
  • Tranende ogen, vooral buiten bij wind of kou.
  • Gevoeligheid voor fel licht.
  • Plakkerige oogleden of korstjes aan de wimpers bij het opstaan.
  • Moeite met lang lezen, beeldschermwerk of autorijden in het donker.
  • Contactlenzen die minder comfortabel zitten dan vroeger.
  • De klachten verschillen per dag en per seizoen. In de winter, als de verwarming aanstaat, zijn ze meestal het ergst.

Hoe ontstaat het?

  • Ouder worden: de traanproductie en de werking van de olieklierjes nemen af.
  • Hormonen: vooral na de overgang krijgen veel vrouwen last van droge ogen.
  • Langdurig naar een beeldscherm kijken. U knippert dan tot drie keer minder vaak, zonder dat u het merkt.
  • Droge lucht: airconditioning, verwarming, een ventilator of de autoventilatie recht in uw gezicht.
  • Een ooglidrandontsteking, waarbij de olieklierjes in de ooglidrand verstopt raken.
  • Huidaandoeningen rond de ogen, zoals rosacea of eczeem.
  • Medicijnen, zoals plaspillen, bloeddrukverlagers, antidepressiva, antihistaminica en de anticonceptiepil.
  • Aandoeningen zoals reuma, schildklierziekten, diabetes en het syndroom van Sjögren.
  • Contactlenzen, en eerdere oogoperaties zoals ooglaseren of een staaroperatie.
  • Oogleden die niet goed sluiten, bijvoorbeeld tijdens de slaap.

Vormen en ernst

  • Verdampingstype: het olielaagje schiet tekort doordat de olieklierjes in de ooglidrand verstopt of ontstoken zijn, waardoor het traanvocht te snel verdampt. Dit is de meest voorkomende vorm en gaat vaak samen met een ooglidrandontsteking.
  • Tekort aan traanvocht: de traanklier maakt te weinig waterig vocht aan. Dit zien we vaker bij het ouder worden, na de overgang, door medicijnen en bij aandoeningen zoals het syndroom van Sjögren.
  • Mengvorm: bij veel mensen spelen beide oorzaken tegelijk een rol.
  • Licht: af en toe klachten, vooral bij beeldschermwerk, droge lucht of vermoeidheid. Kunsttranen en eenvoudige aanpassingen helpen dan goed.
  • Matig: bijna dagelijks klachten. Een vaste druppelroutine en dagelijkse verzorging van de ooglidranden zijn dan nodig.
  • Ernstig: voortdurende klachten, beschadigingen van het hoornvlies of een verminderd zicht. Aanvullende behandeling is dan nodig, soms in overleg met de oogarts.
Ooglidrand met de openingen van de olieklierjes
De olieklierjes monden uit in de rand van het ooglid, net achter de wimpers Kavita Dhamdhere, CC BY 4.0. Via Wikimedia Commons.
Schilfertjes aan de basis van de wimpers
Schilfers aan de wimpers bij een ooglidrandontsteking, een veelvoorkomende oorzaak van droge ogen Imrankabirhossain, CC BY-SA 4.0. Via Wikimedia Commons.

Het onderzoek bij Novio Oogzorg

  • Gesprek: we beginnen met uw klachten. Hoeveel last heeft u, wanneer en waarbij? Zo kunnen we later ook beoordelen of de behandeling helpt.
  • Spleetlamp: met een microscoop met een smalle lichtbundel bekijken we uw oogleden, wimpers, oogwit en hoornvlies van dichtbij. Ook meten we de hoogte van het traanrandje langs het onderooglid.
  • Kleurstof: we druppelen een geel-oranje kleurstof (fluoresceïne) in uw oog. Onder blauw licht zien we hoe snel de traanfilm opbreekt en of het hoornvlies droge plekjes heeft. De kleurstof is onschuldig en verdwijnt vanzelf.
  • Schirmer-test: een smal strookje papier hangt vijf minuten over de rand van het onderooglid. Zo meten we hoeveel traanvocht uw oog aanmaakt.
  • Olieklierjes: we bekijken de ooglidrand en drukken voorzichtig op het ooglid om te zien of er heldere olie uit de klierjes komt.
  • Het onderzoek is pijnloos. Na afloop weet u welke vorm van droge ogen u heeft en krijgt u een behandelplan dat bij u past.
Onderzoek met de spleetlamp
Onderzoek met de spleetlamp JeevaMuthuramalingam, CC BY-SA 4.0. Via Wikimedia Commons.
Tekening van de Schirmer-test
De Schirmer-test: een strookje papier meet hoeveel traanvocht er wordt aangemaakt Milorad Dimić, MD, CC BY-SA 3.0. Via Wikimedia Commons.

Hoe wordt het behandeld?

  • De behandeling verloopt in stappen: we beginnen eenvoudig en breiden uit wanneer dat nodig is.
  • Stap 1, de basis: uitleg, kunsttranen, dagelijkse warmte en verzorging van de ooglidranden, en aanpassingen bij beeldschermwerk en in uw omgeving. Voor de meeste mensen is dit voldoende.
  • Kunsttranen zijn zonder recept verkrijgbaar bij drogist en apotheek. Druppelt u vaker dan vier keer per dag, kies dan voor druppels zonder conserveermiddel, want conserveermiddel prikkelt het oog bij veelvuldig gebruik juist. Wij geven u druppeladvies op maat.
  • Dunne druppels zijn prettig voor overdag. Dikkere gels of zalven werken langer en zijn geschikt voor de nacht, maar geven tijdelijk wazig zicht. Bij het verdampingstype werken druppels met een vettig bestanddeel goed.
  • Stap 2, behandeling in de praktijk: helpt de basis na zes tot acht weken onvoldoende, dan kunnen wij de olieklierjes in de praktijk leegdrukken (meibomklierexpressie) of een punctum plug plaatsen. Dat is een klein plugje in het afvoerkanaaltje van de traan, waardoor het traanvocht langer op het oog blijft. Er zijn siliconen plugs die lang blijven zitten en oplosbare plugs die drie tot zes maanden werken. Het plaatsen duurt enkele minuten en is nauwelijks pijnlijk.
  • Stap 3, medicijnen op recept: bij een hardnekkige ontsteking kan een kuur met ontstekingsremmende oogdruppels helpen, of een antibiotische tabletkuur voor de ooglidranden. Die worden op ons advies voorgeschreven door uw huisarts of de oogarts.
  • Bij ernstige droge ogen, beschadigingen van het hoornvlies of een vermoeden van het syndroom van Sjögren overleggen wij met de oogarts of met uw huisarts.
  • Na zes tot acht weken bekijken we samen of de behandeling aanslaat en passen we die zo nodig aan.
  • Meer over onze aanpak leest u op de pagina Droge ogen: onderzoek en behandeling.

Wat kunt u zelf doen?

  • Warmte: leg dagelijks vijf tot tien minuten een warm washandje of warmtemasker op uw gesloten ogen. Warm, niet heet. Daardoor wordt de olie in de klierjes vloeibaarder.
  • Masseren: strijk direct daarna met een schone vinger zachtjes over de ooglidrand in de richting van de wimpers: het bovenooglid naar beneden, het onderooglid naar boven.
  • Reinigen: maak de ooglidrand schoon met een wattenstaafje of gaasje en lauw water, of met een speciaal reinigingsdoekje voor de oogleden.
  • Doe dit dagelijks, ook als de klachten afnemen. Het effect merkt u na enkele weken.
  • Goed druppelen: kijk omhoog, trek het onderooglid iets naar beneden en laat één druppel in het gootje vallen. Sluit daarna rustig uw oog, zonder te knijpen.
  • Beeldschermwerk: kijk elke twintig minuten twintig seconden in de verte en knipper bewust vaker. Zet uw scherm iets onder ooghoogte; uw ogen staan dan minder wijd open en er verdampt minder vocht.
  • Richt geen luchtstroom op uw gezicht. Stel de autoventilatie anders af en draai de ventilator weg. Een luchtbevochtiger kan helpen.
  • Gebruik geen oogpotlood op de binnenrand van het ooglid en verwijder uw make-up elke avond grondig.
  • Rook niet en vermijd rokerige ruimtes. Drink voldoende water. Sommige mensen hebben baat bij omega-3-vetzuren uit vette vis, al is het bewijs daarvoor niet eenduidig.
Een warmtemasker voor de ogen
Een warmtemasker: dagelijks vijf tot tien minuten op de gesloten ogen Neo139, CC0. Via Wikimedia Commons.
Een oogdruppel in het gootje van het onderste ooglid
Druppelen: trek het onderooglid iets naar beneden en druppel in het gootje British Columbia Institute of Technology, CC BY 4.0. Via Wikimedia Commons.

Wanneer neemt u contact op?

  • U krijgt echte pijn in het oog, niet alleen een branderig gevoel.
  • U gaat slechter zien.
  • Licht doet pijn aan uw ogen.
  • Uw oog wordt fel rood, of er komt gele of groene afscheiding uit.
  • Kunsttranen helpen na vier weken niet.
  • U draagt contactlenzen en de klachten blijven: haal de lenzen uit en neem contact met ons op.

Deze informatie is algemeen en vervangt geen onderzoek. Twijfelt u, of veranderen uw klachten? Neem dan contact op met uw eigen huisarts.