Ooglidcorrectie

Overtollige huid of een hangend ooglid wordt gecorrigeerd. Soms om beter te kunnen zien, soms om cosmetische redenen.

Samengevat

  • Met het ouder worden kan de huid van de bovenoogleden verslappen en over de wimpers gaan hangen.
  • Bij een ooglidcorrectie (blefaroplastiek) wordt overtollige huid weggehaald.
  • Hangt het ooglid zelf te laag door een verslapte ooglidspier (ptosis), dan wordt die spier ingekort of vastgezet.
  • Soms draait een ooglidrand naar binnen of naar buiten. Ook dat kan met een kleine operatie worden gecorrigeerd.
  • De ingreep gebeurt onder plaatselijke verdoving, zonder opname.
  • Alleen als het zicht aantoonbaar beperkt is, wordt de operatie vergoed.
Overtollige huid op de bovenoogleden (dermatochalasis), die over de wimpers hangt
Overtollige huid op de bovenoogleden (dermatochalasis), die over de wimpers hangt. Jmarchn, CC BY-SA 3.0. Via Wikimedia Commons.

Wat houdt het in?

  • De oogleden beschermen het oog en verspreiden het traanvocht bij het knipperen.
  • Bij dermatochalasis is er te veel, verslapte huid op het bovenooglid. Die kan over de wimpers en in het gezichtsveld hangen.
  • Bij ptosis hangt het ooglid zelf te laag, doordat de spier die het ooglid optilt verslapt of losgeraakt is.
  • Bij entropion draait de ooglidrand naar binnen, waardoor de wimpers over het oog schuren. Bij ectropion draait de rand naar buiten.
  • Bij een ooglidcorrectie past de chirurg de huid, de spier of de stand van het ooglid aan.
  • De ingreep wordt gedaan door een oogarts of een plastisch chirurg.

Wanneer is het nodig?

  • U ziet minder aan de bovenkant van uw beeld doordat de huid of het ooglid ervoor hangt.
  • U moet uw wenkbrauwen optrekken om goed te kunnen kijken. Dat kan hoofdpijn of vermoeide ogen geven.
  • De wimpers schuren over het oog, het oog is rood en tranend (bij entropion).
  • Het onderooglid hangt af, het oog traant of is droog en geïrriteerd (bij ectropion).
  • U vindt de oogleden er vermoeid of zwaar uitzien.

Welke soorten zijn er?

  • Bovenooglidcorrectie: een strook overtollige huid, soms met wat vet, wordt weggehaald. Het litteken valt in de natuurlijke plooi van het ooglid.
  • Ptosiscorrectie: de spier die het ooglid optilt, wordt ingekort of opnieuw vastgezet.
  • Onderooglidcorrectie: meestal om cosmetische redenen, bij wallen of verslapte huid.
  • Entropion- of ectropioncorrectie: de ooglidrand wordt in de goede stand teruggezet.
  • Wenkbrauwlift: als een gezakte wenkbrauw de oorzaak is.

Welk onderzoek gaat eraan vooraf?

  • Er wordt gekeken hoeveel huid er overhangt en hoe hoog de ooglidrand staat.
  • De kracht van de spier die het ooglid optilt wordt gemeten.
  • Soms wordt een gezichtsveldonderzoek gedaan, met en zonder het optillen van de huid. Daarmee wordt aangetoond of het zicht beperkt is. Dat is vaak nodig voor vergoeding.
  • Vaak worden foto’s gemaakt.
  • De traanfilm en het hoornvlies worden beoordeeld, omdat een correctie de ogen soms tijdelijk droger maakt.

Hoe gaat het?

  • De ingreep gebeurt meestal onder plaatselijke verdoving: een paar prikjes in het ooglid.
  • De chirurg tekent af wat er weg moet en haalt de overtollige huid weg, of past de spier of de stand van het ooglid aan.
  • De wond wordt gesloten met fijne hechtingen.
  • De ingreep duurt per ooglid ongeveer 30 tot 60 minuten.
  • Na ongeveer een week worden de hechtingen verwijderd, als ze niet vanzelf oplossen.
  • U gaat dezelfde dag naar huis.

Wat kunt u na de behandeling zelf doen?

  • Koel de oogleden de eerste dagen regelmatig met een koud kompres in een doekje. Dat vermindert zwelling en blauwe plekken.
  • Slaap de eerste nachten met het hoofd wat hoger.
  • Gebruik de zalf of druppels zoals afgesproken.
  • Vermijd de eerste week zwaar tillen, bukken en sporten.
  • Gebruik de eerste twee weken geen oogmake-up en ga niet zwemmen of in de sauna.
  • Draag buiten een zonnebril. Littekens kunnen verkleuren door de zon.

Wat zijn de risico’s?

  • Zwelling en blauwe plekken zijn normaal en trekken in één tot twee weken weg.
  • De ogen kunnen de eerste weken droger aanvoelen of de oogleden sluiten iets minder goed.
  • Het resultaat kan tussen beide ogen wat verschillen.
  • Zelden ontstaat een nabloeding, een infectie of een opvallend litteken.
  • Bij een ptosiscorrectie is het ooglid soms te hoog of te laag. Een kleine nacorrectie kan dan nodig zijn.

Wanneer neemt u contact op?

  • U krijgt na de ingreep toenemende pijn, een strakke zwelling achter het oog of u gaat slechter zien: neem meteen contact op met de kliniek, uw huisarts of de huisartsenpost. Dit kan wijzen op een nabloeding.
  • De wond wordt rood, warm en pijnlijk, of er komt pus uit: bel de kliniek.
  • Uw oog wordt na de ingreep erg droog of pijnlijk doordat het niet goed sluit.
  • Uw bovenooglid hangt zo ver dat u minder ziet.
  • Laat in die gevallen uw ogen onderzoeken door een optometrist of vraag uw huisarts om een verwijzing.

Deze informatie is algemeen en vervangt geen onderzoek. Twijfelt u, of veranderen uw klachten? Neem dan contact op met uw eigen huisarts.